Minder werkdruk voor leraren basisonderwijs

Minder werkdruk voor leraren basisonderwijs

Het komt vaak voor dat leraren in het basisonderwijs te maken hebben met te hoge werkdruk. Om de werkdruk te verlichten stelt het kabinet een bedrag beschikbaar van € 430 miljoen. Met dit geld hoopt het kabinet maatregelen te kunnen nemen zodat leraren in het basisonderwijs écht verschil in de klas merken.

Op 9 februari 2018 hebben vakbonden, de PO-Raad en het kabinet een akkoord bereikt over het terugdringen van de werkdruk. Dit akkoord betekent dat scholen in het basisonderwijs met ingang van het komende schooljaar € 237 miljoen extra zullen ontvangen om de werkdruk aan te pakken. In 2021 wordt dit bedrag nog eens opgeschroefd naar € 430 miljoen.
 

De juiste aanpak 

Het bedrag dat per school beschikbaar komt, staat op de websites van de sociale partners, waaronder de PO-Raad. Op 6 maart 2018 ontvingen alle schoolbesturen en scholen een brief over het werkdrukakkoord ontvangen. In dat akkoord staat ook hoe de verdeling van het geld uitgegeven zal worden. Werkdruk van leraren kan op verschillende manieren worden tegengegaan. Met het geld kan een school bijvoorbeeld extra (ondersteunend) personeel aannemen. Denk hierbij aan onderwijsassistenten of conciërges. Daarnaast is er ruimte om digitaal lesmateriaal aan te schaffen, trainingen te financieren of vakleerkrachten aan te stellen. 
 

Gesprekken op school

De oorzaak van een te hoge werkdruk verschilt per school. Schoolteams en -leiders bepalen daardoor zelf wat het meeste effect heeft op hun onderwijsinstelling. Het personeel van de medezeggenschapsraad heeft recht om in te stemmen op de besteding van het geld. Is de besluitvorming voor de extra middelen voor de verlaging van werkdruk niet goed verlopen? Dan is er een meldpunt, zodat er een eerlijke verdeling gegarandeerd kan worden.
 

Verminderen van regeldruk 

Regeldruk leidt tot werkdruk. Het bijhouden van belangrijke gegevens kost veel tijd, maar in de praktijk blijkt dat leraren veel gegevens niet zo uitgebreid hoeven bij te houden. Daarom heeft het ministerie van Onderwijs, samen met het ministerie van Cultuur en Wetenschap en de Inspectie van het Onderwijs, vorig jaar het adviesrapport ‘Ruimte in Regels’ gepubliceerd.
 
Bron: Rijksoverheid

Reageren